Jan-Willem Duim
- Ideeënmeester -
Jan-Willem Duim
- Ideeënmeester -

zzp-docent rukt op

  • Datum: 04/02/2019

Een groeiend aantal leraren schrijft zich in als ondernemer en staat als zzp’er voor de klas. Met uurtarieven van 60 euro per uur lijkt dat een lucratieve business. “Maar reken jezelf niet te snel rijk.”

Het lerarentekort is al een hele tijd nijpend. Met de griepgolf die rondgaat wordt dat er alleen maar erger op. De Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) en CNV Schoolleiders noemen de situatie inmiddels ‘onhoudbaar’ en roepen scholen op deze week geen vervanging te regelen bij uitval van docenten om een signaal af te geven.

Uitzendbureaus en detacheerders profiteren intussen van de grote vraag naar (inval)leraren. Ook onderwijzers ontdekken daar kansen in: meer leerkrachten registreren zich als ondernemer.

Toename in basis- en voortgezet onderwijs
Kende het basisonderwijs begin 2015 nog slechts 100 mensen die zich bij de Kamer van Koophandel hadden ingeschreven als bijvoorbeeld onderwijzer of invalkracht in het onderwijs, waren dit er begin 2019 al 186.

Reken jezelf niet rijk
Hoeveel het ondernemerschap een leraar oplevert, varieert. De tarieven van de zzp-onderwijzers zijn niet allemaal even transparant. “Gemiddeld liggen die tarieven tussen de 55 en 65 euro per uur”, zegt Jan-Willem Duim. Hij is zelf werkzaam in het onderwijs en initiatiefnemer van meerdere platforms waarop docenten zichzelf aanbieden, middels Flex-Onderwijs. Die site is gericht op docenten die als ‘extra handjes’ willen werken, en niet het werk geheel zullen overnemen.

“Maar reken jezelf niet te snel rijk”, voegt hij toe. “Van dat uurtarief moet nog veel worden betaald. Wat je omzet is niet wat je verdient natuurlijk, je houdt veel minder over.” Als zzp’er word je daarnaast niet doorbetaald in de schoolvakanties en ben je niet zeker van werk. Hij raadt leerkrachten die enkel de eurotekens zien dan ook af om de stap te zetten.

‘Je bent echt ondernemer’
Dat beaamt ook Tineke de Jong (50). Zij werkt als zzp’er in het basisonderwijs. “Je moet goed de consequenties doordenken, want je bent een echte ondernemer. Ik heb geen pensioenopbouw, geen vakantiegeld.”

Na jaren in het onderwijs stopte De Jong om een coachingpraktijk op te bouwen. Via een kennis kreeg ze de tip dat ze als freelancer in het onderwijs wat geld kon bijverdienen, naast haar praktijk. “Maar inmiddels is dat andersom. Ik werk inmiddels zo goed als fulltime in het onderwijs.”

De Jong woont in Sneek, maar daar is het tekort aan leraren nog niet zo schrijnend als in de rest van Nederland. Ze verdeelt haar weken over scholen in Veenendaal en Almere. “Ik overnacht dan in de buurt. Ik ga zondagmiddag van huis en kom vrijdag pas weer thuis. Dat is best heftig.” Ze sluit dan ook niet uit dat ze stopt met zzp’en als ze een contract aangeboden krijgt.

Geen kantoorpolitiek meer
Techniekdocent voor het voortgezet onderwijs Arie Gramsma (61) overweegt de overstap naar het ondernemerschap. Hij zoekt nu nog voornamelijk tijdelijke banen in het onderwijs, met tijdelijke contracten. Een volledige baan in het onderwijs ziet hij niet meer zitten. “Sommige aspecten van het onderwijs zijn niet meer zo gezellig”, zegt hij.

Zijn voornaamste bezwaar: de werkdruk ligt te hoog. Ook ervaart hij dat het eigenaarschap van het onderwijs nu bij ‘de managers’ ligt en niet meer bij de docenten. De bijkomende kantoorpolitiek trekt hij niet meer.

Het onderwijs volledig de rug toekeren wil hij ook niet. “Ik wil dolgraag aan de slag en ontloop ook niet de verantwoordelijkheden die erbij horen. Teamoverleg, ouderavonden, denken vanuit de leerlingen. Geef mij de sleutels van het lokaal en ik ga aan de slag.”

‘Bureaus bieden te weinig’
Hij wordt regelmatig benaderd door detacheringsbureaus, maar wil niet via zo’n constructie werken. “Zij bieden te weinig. Ik ben bepaalde afspraken vanuit de cao gewend. En de schoorsteen moet wel blijven roken.”

Werken als zzp’er heeft daarom zijn interesse. “Een aantal jaar geleden was ik er al klaar voor, maar heb ik het niet doorgezet. Het werd toen afgeraden vanwege de wetgeving. Nu wacht ik het nog even af, maar ik volg de ontwikkeling.”

In 2012 werd in het primair onderwijs slechts 2 procent van de totale personeelslasten uitgegeven aan personeel dat niet in loondienst was, zoals uitzendkrachten, payrollers en zzp’ers. In 2017 was dat al 4 procent van de totale personeelslasten. In het voortgezet onderwijs is dit gestegen van 2,2 procent in 2012 naar 3,7 procent. Voion baseert zich op de financiële jaarverslagen van scholen.

Vicieuze cirkel
Of de inzet van detacheringsbureaus of zzp’ers helpt bij dit probleem, is daarbij de vraag. Van Haren spreekt over een vicieuze cirkel. “Het zijn dezelfde mensen die je voor de klas hebt staan, alleen nu via een ander systeem. De arbeidsprijs is hoger, waardoor het budget van de scholen verder wordt uitgehold”, zegt ze.

Scheve gezichten tussen team en zzp’ers
Deze ontwikkelingen dragen volgens de voorzitter bij aan het ontstaan van twee type collega’s: mensen met verantwoording en mensen zonder. “Leerkrachten in loondienst hebben een uitgebreide baan, met veel verantwoording en bijvoorbeeld oudergesprekken. Zzp’ers hebben dat niet.”

Van Haren benadrukt dat als dit een dag voorkomt, dat niet zo erg is, maar dat als de situatie zich langere tijd voordoet het kan leiden tot vervelende situaties binnen een team. “Dat is onze zorg die eronder zit. Dat er iets mis gaat binnen het beroep op deze manier.” En dat door het ontbreken van de verantwoordelijkheid de inhoud van het vak afzwakt.

Duim wijst ook naar dat beeld. Volgens hem zijn docenten minder gewend aan de inzet van zelfstandigen. “Dan klinken de eerder genoemde uurtarieven al snel als een hoog bedrag”, zegt hij. “Collega’s in loondienst denken dat de zzp’ers heel duur zijn en veel geld verdienen. Die associatie is onjuist.”

Maar, voegt hij toe, leerkrachten die via detachering of een uitzendbureau worden ingezet, zijn in de praktijk vaak wel veel duurder. Dat komt doordat er nog een behoorlijke fee bovenop zit voor de tussenpartij.